Buttons



De Bonaire is een unieke vertegenwoordiger van een heel interessante periode in de Nederlandse scheepsbouw en scheepvaart.

Van diverse zijden is terecht aangedrongen op restauratie van het schip. Het Nederlands Scheepvaartmuseum te Amsterdam achtte al in 1977 behoud van het schip van groot historisch belang. Het museum stelde een groot aantal tekeningen van de Bonaire kosteloos ter beschikking aan een comité tot behoud van de Bonaire. In een brief van 14 maart 1988 wijst Vice-Admiraal Sir Patrick Bayly, Director and Chairman of the Ships Committe of the Maritime Trust, op de belangrijke cultuurhistorische waarde van het schip en pleit vurig voor behoud. Een gelijkluidend pleidooi verschijnt in 1994 in het defensieblad Alle Hens.

 

Vanaf 1924 heeft het schip in Delfzijl gelegen als logementschip voor de Zeevaartschool Abel Tasman. Ook in Delfzijl zijn plannen gemaakt tot restauratie van het schip. Ook daar vonden de plannenmakers, dat het schip op het droge tentoongesteld moest worden. Een van de redenen daarvoor is de prachtige vorm van het onderwaterschip en de interessante installatie die de schroef omhoog kan halen tijdens het zeilen.

Maar onderzoek wees uit, dat het schip niet sterk genoeg was om haar hele gewicht op de kiel te dragen. Er moest een 'wieg' worden gemaakt die er voor zorgde dat een groot deel van het gewicht werd opgevangen door de huid en de rest door de kiel. Toch vond men dat het schip ook in staat moest zijn de verschillende maritieme evenementen in Nederland maar ook in het buitenland te bezoeken om zo doende geld te verdienen voor het nodige onderhoud.

In 1996 kwam het schip, na overleg tussen de gemeente Delfzijl, de gemeente Den Helder en de Koninklijke Marine naar Den Helder in het dok 1 van de Oude Rijkswerf Willemsoord voor een onderzoek naar de mogelijkheden voor restauratie. Een commissie onder leiding van ir. Harm Bouland kwam tot de conclusie dat restauratie wel mogelijk was , maar dat zoveel mogelijk van het schip behouden moest worden opdat het product van de restauratie niet de oorspronkelijke uitstraling zou verliezen.


 Veel voorwerk was in Delfzijl al gedaan door de heer Foeke Roukema, die naar voorbeeld van het schip de Jylland in Denemarken de restauratie in 5 fasen had ingedeeld. Hij had de werkzaamheden in die fasen in grote lijnen beschreven en de kostenraming per fase uitgevoerd.

10 miljoen gulden zou het moeten kosten en het zou niet korter dan 10 jaar moeten duren.

De kosten waren zo hoog, omdat men rekening wilde houden met het slepen van haven naar haven om de verschillende nautische evenementen te bezoeken. Dat doet een beroep op de sterkte van het schip en de kosten om die sterkte te verbeteren zijn hoog.

10 jaar, omdat het schip in het maritiem themapark Cape Holland ligt en bezoekers over het algemeen dol zijn op werken: ze kunnen er uren naar kijken.

Overigens is het idee om het schip te verplaatsen verlaten. De enige eis die nu wordt gesteld, is dat het schip kan drijven omdat het vanwege onderhoud aan het dok wel eens in het natte dok zou moeten kunnen liggen.

Na 1996 is er weinig tot niets met het schip gebeurd. Er was geen geld en een onderzoek toonde aan, dat uit de regio Den Helder niet meer dan 0,85 miljoen gulden aan sponsorgelden was te verwachten en uit de regio Delfzijl niets.

Totdat gedurende 2003 en 2004 het besef groeide bij Cape Holland en de gemeente Den Helder, dat de Bonaire een cultuurhistorisch belangrijk project was, maar ook dat de werkgelegenheid sterk gediend zou zijn wanneer de restauratie aangepakt zou worden met behulp van werkervaringsprojecten.

Voldoende financiële hulp werd toegezegd om met de restauratie een begin te kunnen maken.

Zo werd op 15 april 2005 formeel een begin gemaakt met de restauratie.

Toespraak ir. Ben Mooiman bij aanvang restauratie op 15 april 2005. 


 Dames en heren,

de restauratie van Zijner Majesteits Bonaire is gestart.En het werd tijd ook.

Zojuist hebben Aat en Mieke Rietveld de eerste handeling verricht. Voor de laatste keer heeft de huid van de Bonaire zout water geproefd. Vanmorgen door Hans Lutterman en mij uit het Marsdiep geschept. De paar mensen die het zagen keken ons met medelijden aan. Dement of ongevaarlijk gek was hun oordeel. 
 
De zwaai met de speciaal voor deze gelegenheid door Scheepstuigerij de Schieman gemaakte puts hadden we voorgeoefend met de kraanmachinist, maar het was toch spannend. Waarom Aat en Mieke. Onlangs vierden zij hun 50-jarige huwelijksfeest en helemaal uit eigen initiatief vroegen ze of ik er blij mee zou zijn als zij geld inzamelden voor de restauratie van de Bonaire Ik heb ze eerlijk alle risico’s van het eventueel niet doorgaan van het project uitgelegd maar zij bleven bij hun standpunt. En hun feest op de ook al 19de eeuwse Schorpioen heeft meer dan 600 euro opgebracht. Na alle twijfels, weerstand en scepsis bij de omgeving was hun actie een verademing. Vandaar!

Aat, ik weet dat je het lekker vindt: voor jouw karwei een fles jonge jenever. Mieke, voor jou iets heel bijzonders.

Het is alweer 2 jaar geleden dat Arno Kroon, commissionair en bollenkweker me vroeg hoe ik het zou vinden als hij een nieuwe narcis ging kweken met de naam Bonaire. Zijn zus Riet Kisteman had net vorm gegeven aan het boekje, door Martin van Exter samengesteld, dat het verhaal van de Bonaire vertelt en dat u straks, als u weggaat mee krijgt.

Ik vond het een geweldige eer.

De narcis Bonaire.

Dames en heren: speciaal voor deze gelegenheid is het mij een enorm genoegen een bos van deze narcissen te mogen geven aan Mieke Rietveld. Of wil je het zelf doen Arno. Dames en heren: Arno Kroon.

Na de doop van een schip krijgt de doopster het meestal zilveren bijltje als aandenken. Mieke, in dit geval is het mes waarmee je het touw hebt doorgesneden voor jou. Ik wilde een matrozenmes kopen bij de Marine. Maar die zijn er niet meer. De matrozenmessen bedoel ik. Het is een interkrijgsmachtelijk mes geworden. Niet marineblauw maar legergroen. In deze kleine zaken herken je de geest van de tijd. Je kunt er aardappels mee schillen, het onvermijdelijke bierflesje mee openen, het blik noodrantsoenen mee opensnijden, schroeven draaien enz enz. Kortom, erg geëmancipeerd.

Dames en heren. Drie jaar geleden zag de zaak er helemaal niet zo rooskleurig uit. Het schip dreef in het natte dok, maar daar was bijna alles mee gezegd. Totdat ik tegen Peter Kegels aanliep. Hij had een idee. Met tomeloze ijver heeft hij dat uitgewerkt tot een plan voor het restauratiebedrijf Werk op Stapel. Dat vervolgens de grond in geboord werd omdat we geen horeca mochten bedrijven. Dat recht was voorbehouden aan anderen. Bovendien was een themapark in een themapark ongewenst.

Dan een ander plan. Een stichting die gebruik maakte van werkervaringsprojecten. Iedereen wild enthousiast. Uniek in Nederland. Totdat bleek, dat er niet genoeg mensen waren om werkervaring op te doen. Bovendien mochten we die niet zelf inschakelen, maar moesten we gebruik maken van al bestaande projecten, zoals Herstelling. Maar wel hadden we financiële steun toegezegd gekregen van de BV’s Willemsoord en Cape Holland van elk 50.000 euro per jaar. En hadden we de wethouder financiën en de fractievoorzitters van de gemeenteraad achter ons gekregen voor het verdubbelen van dat bedrag. Dat gaat straks bij de voorjaarsnota behandeld worden. Met die drie bedragen kunnen wij aantonen, dat de restauratie tot een goed einde gebracht zal worden waardoor wellicht ook andere sponsors ons zullen steunen. Het Dorus Rijkers Fonds heeft ons in dat geval al een fantastisch bedrag toegezegd van 450.000 euro, te verdelen over 10 jaar.

 Toen zonk de Bon aire. Vlak voor de opening van Cape Holland. Een ramp. Maar die viel in het niet, toen een week later mijn compagnon, zoals we elkaar noemden, Peter Kegels plotseling overleed. De man die zich met groot doorzettingsvermogen en veel vernuft voor de Bonaire inzette. De man die dit moment zo dolgraag had willen meemaken. Ik wil graag zijn vrouw Adrie mee laten delen in dit moment en ook haar een bos Bonaires geven.

Dames en heren, de Bonaire is weer boven water gekomen door de inspanning van drie Helderse bedrijven, Rederij Waterweg, de Onderwaterspecialist en BV Willemsoord. Heel spectaculair.

En nu, na twee grote incidentele giften van de gemeente zijn we begonnen.

De werf Scheeps Reparatie Friesland uit Harlingen heeft de opdracht gekregen de schade als gevolg van het zinken, nu bijna een jaar geleden, te herstellen en de bovenbouw van het schip te verwijderen en daar een tent voor in de plaats te zetten. Deze werf heeft een grote ervaring met dit soort projecten en het wederzijds vertrouwen in een goede samenwerking is groot.
 
Ze zijn nu twee weken bezig, geholpen door mensen van het werkervaringsproject Stichting Herstelling en u hebt het resultaat gezien. Of niet, als u niet weet hoe het schip er na een paar maanden onder water te hebben doorgebracht uit zag. Er niet uitzag moet ik eigenlijk zeggen. De belangstelling voor het project is hartverwarmend. Het unieke schip verdient dat ook. De gemeenteraad steunt het project van harte, waarvoor onze grote dank. Zij is de plaats waar de steen het wateroppervlak raakt en van waaruit de kringen zich steeds verder uitbreiden. De BV Willemsoord ziet ons als een welkome aanvulling op de attracties op de Oude Rijkswerf. Het economisch actieplan Kop en Munt gaat ons helpen bij het opstellen van het bedrijfsplan. De provincie stelt haar netwerken open voor het project. Leden van de Provinciale Staten onderzoeken verdere mogelijkheden. Gedeputeerde Poelmann heeft aangeboden zijn ervaringen met andere scheepsbouwprojecten met ons te delen.

Allemaal hoopgevende geluiden. Van het een komt het ander. We hebben vandaag A gezegd. Het hele alfabet zal volgen, neemt u dat van mij aan. Onze plannen beperken zich niet tot de Bonaire. U staat op dit moment in de houtwerkplaats van Cape Holland Dockyard. De restauratiewerf met als eerste klant de Bonaire. De eerste maar als het aan ons ligt zeker niet de laatste. Hier gaat Herstelling zijn mensen inzetten voor restauratie en herstel van de schepen die zich aanbieden. En de eerste zijn er al. En het bouwen van een replica van een 16de eeuwse vlieboot zit nog steeds in mijn achterhoofd. Dit gaat een werf worden die naast de producten opleiding en techniek ook het product amusement gaat leveren. Activiteiten trekken mensen. Mensen zijn gek op werken. Ze kunnen er uren naar kijken.

Het zal onderdeel worden van het grote nautische gebeuren op de oude Rijkswerf Willemsoord. Grootspraak? Misschien een beetje. Maar we gaan een heel serieuze poging wagen om de werf van de grond te krijgen. Ik kan hier natuurlijk niet het hele verhaal van de Bonaire vertellen. Dat leest u in het boekje dat u straks krijgt.

Ik wil toch graag uit de nieuwe geschiedenis van de Bonaire, die niet in dit boekje staat noemen: de mensen uit Delfzijl, die bijna 10 jaar onder leiding van de heer Piet Franken op het schip hebben gepast nadat het door de zeevaartschool Abel Tasman was afgestoten.

Zij hebben de historische waarde van het schip ingezien en plannen gesmeed om het te behouden. Twee keer al eigenlijk.

De eerste keer in de jaren 70 en de tweede keer zo’n 10 jaar later.

Hartelijk dank daarvoor.

Het bestuur van de stichting INST, wat staat voor Instandhouding Submarines and Targets. De stichting die de schepen van het Marinemuseum technisch beheert en die samen met de Marine en Delfzijl het schip naar den Helder hebben gebracht voor onderzoek. Tot onze grote spijt wordt overigens die stichting als gevolg van het gewijzigde Marine- en Defensiebeleid binnenkort opgeheven.

De gemeenten Delfzijl en Den Helder die samen met de Nieuwe Rijkswerf van de Koninklijke Marine 175.000 gulden elk beschikbaar stelden voor de eerste dokking van de Bonaire en het technische onderzoek naar de haalbaarheid van de restauratie.

Rotary Den Helder die als eerste de Bonaire sponsorde met 75.000 gulden.

De NAM, die toen nog in Den Helder zetelde kwam daar direct achteraan met hetzelfde bedrag.

De Raad van Toezicht van de Stichting Bonaire die zo groot is geweest toe te staan, dat het schip in Den Helder zal blijven.

De Raad van Bestuur van de stichting Bonaire die door is gegaan waar ieder ander ophield.

Het Marinemuseum, het Instituut Maritieme Historie, het Nederlands Scheepvaartmuseum, allen maken deel uit van de nieuwe geschiedenis of moet ik zeggen de toekomst van de Bonaire.

We zijn begonnen en zijn niet meer te stoppen.

Heel veel dank voor uw komst !

 
Formele eerste handeling.
 
 

Daadwerkelijke eerste handeling.

Als u aanvullende informatie hebt over bovenstaande of u hebt op- of aanmerkingen, wilt u die dan sturen naar b.mooiman@wxs.nl We zijn u daar dankbaar voor !!!